"Is er leven na Humanitas?" door Marius

Titel:  Is er leven na Humanitas?
Auteur:  Marius
Datum:  18 jan 2008
Revisie:  -
Gelezen:  4699

Is er leven na Humanitas?

Toen ik drie en een half jaar geleden voor het eerst het gebouw van Humanitas Rotterdam binnenwandelde, had ik al aardig wat hulpverleners gezien. Via-via was ik bij de transengroep van Humanitas terecht gekomen en mijn problematiek werd hier voor het eerst serieus genomen. Waar ik bij het RIAGG te horen kreeg dat mijn transseksualiteit een verzinsel was waar we niet te lang bij stil moesten blijven staan, werd ik bij Humanitas direct met mijn nieuwe mannelijke naam aangesproken, zonder dat ik me gedwongen voelde mezelf definitief in een hokje te plaatsen. Niet alleen had ik het gevoel eindelijk bij de juiste instantie te zijn, maar ik werd ook direct op de correcte wijze doorverwezen naar mijn vervolgtraject. Zonder Humanitas had ik niet geweten dat ik me diende aan te melden bij het Genderteam van het VU in Amsterdam en had ik geen kennis kunnen maken met mijn lotgenoten die deelnemen aan de gespreksgroepen.

Omdat ik niet een van de makkelijksten ben, was ik dubbel zo blij met mijn psychologe; een vriendelijke en uiterst deskundige vrouw die me hard door elkaar kon schudden, zonder dat ik direct mijn stekels op ging zetten. Regelmatig heb ik tijdens haar spreekuur een potje zitten janken, waarna ik heerlijk opgelucht weer naar huis ging. Ik was gewend mijn gevoelens voor me te houden, was bij tijd en wijle zwaar depressief en was onderhevig aan sterk wisselende buien. Al vrij in het begin van mijn traject bij Humanitas merkte ik dat door alleen al een luisterend oor te hebben, ik me beter leerde uiten. Ik werd assertiever, raakte minder snel gefrustreerd en kon meer hebben van de mensen in mijn omgeving.

Vanwege mijn aanmelding voor de hulpverlening van Humanitas, moest ik mij op een bepaald moment melden bij het Centraal Indicatie Orgaan van Rotterdam. Een instantie die erop toeziet dat de patiënten die zich aanmelden voor een bepaalde soort hulpverlening, inderdaad juist geïndiceerd zijn en dus de juiste hulpverlening krijgen. Dat eerste jaar kreeg ik, na een kort gesprek, al snel te horen dat ik voor een jaar goedgekeurd was voor deze vorm van hulpverlening en ik moet zeggen dat vooral dat eerste jaar ik heel erg ben geholpen door de mensen van de transengroep van Humanitas.

Zonder deze vorm van hulpverlening zou ik waarschijnlijk pas jaren later aan mijn transitie zijn begonnen. Nu ben ikzelf drie en een half jaar verder, maar nog steeds weet ik dat ik bij deze groep hulpverleners terecht kan als er iets is waar ik over wil praten. Laat staan wat de hulpverlening betekent voor lotgenoten die net aan hun lange weg naar hun uiteindelijke zelf zijn begonnen of staan te beginnen. Des te tragischer is het vervolg van dit relaas.

De transengroep gaat namelijk verdwijnen. Door veranderende wetgeving en zorgverlening, krijgt de transengroep namelijk al twee jaar geen vergoeding meer uit het ziekenfonds of de AWBZ. Alle aangemelde transseksuelen zijn afgewezen door het Centraal Indicatie Orgaan en zouden dus geen recht meer hebben op deze uiterst kundige en zó noodzakelijke vorm van hulpverlening. Het is dat Humanitas zelf heeft gezegd dat ze ons niet willen en kunnen laten vallen, anders hadden we al twee jaar geen hulpverlening meer gehad. Niet in de vorm van persoonlijke gesprekken en niet in de vorm van de twee gespreksgroepen die ieder eens in de maand bijeenkomen. In de praktijk betekent dat dat Humanitas zelf de kosten voor de psychologische begeleiding op zich neemt en dat de gespreksgroepen alleen maar draaien omdat de gespreksleiders, die hier voorheen voor betaalt kregen, het nu vrijwillig doen. Hulde uiteraard aan deze mensen, die zich belangeloos inzetten om ons transen een veilige plaats bieden om met andere transen ervaringen uit te wisselen.

Door het lage percentage mensen wat transseksueel is (voor vrouwen 1 op de 10.000 en voor mannen 1 op de 30.000) is het zo belangrijk te weten dat je niet alleen bent, ervaringen uit te kunnen wisselen en gewoon ontspannen bij elkaar zijn en ongeremd jezelf kunnen zijn. Waar anders kunnen wij praten over dingen als borstvulling, een plaksnor, make-up tips of het formaat van de namaakpiemel, zonder daarbij het idee te hebben dat er vreemd gekeken wordt?

Twee jaar heeft Humanitas rechtszaken gevoerd en alle zeilen bijgezet in de hoop dat het oordeel van de rechter en het Indicatie orgaan werden bijgesteld. Tevergeefs. Er moet een klein wondertje gebeuren wil de beslissing van de rechter en het Indicatie Orgaan terug gedraaid worden, want ik geloof dat er nog een beroepszaak loopt; de laatste. Binnenkort zullen wij als Rotterdamse transen dus op onszelf aangewezen zijn, met alle tragische gevolgen van dien. Persoonlijk kan ik zeggen dat Humanitas mij meer dan eens weerhouden heeft echt extreme maatregelen te treffen betreffende mijn eenzaamheid en aanhoudende depressiviteit. Ik weet niet of ik er, zonder de begeleiding van mijn psychologe, nog wel zou zijn om dit stuk te schrijven.

Nu, aan het begin van een nieuw jaar, wil ik via deze weg even de aandacht vestigen op wederom een kentering in het Nederlandse zorgbeleid. Het is gewoonweg onmenselijk te vragen van transseksuelen om hun transitie alleen door te maken. Ik had gelukkig mijn vrienden en familie die achter me stonden, maar velen van mijn lotgenoten hebben alleen de mensen van de transengroep, omdat ze verder ieder ander in hun omgeving zijn kwijtgeraakt.

Mij is verzekerd dat in ieder geval de gespreksgroepen door zullen gaan. Dan wel door gebruik van de ruimte in het Humanitas gebouw, dan wel bij mensen thuis. Maar ik vraag me af hoeveel langer dit nog kan duren. Als de transengroep definitief opgeheven wordt, zullen de gespreksleiders overgeplaatst of ontslagen worden. De vraag is dan of zij nog de tijd kunnen vrijmaken om in de avonduren deze gespreksgroepen te organiseren.

Ik mag mezelf nu een postoperatieve trans noemen. Dat wil zeggen dat ik de geslachtsveranderende operatie gehad heb. Ik moet nog wel een keer onder het mes, maar dat is om de puntjes op de i te zetten. Officieel ben ik nu een man. Ik voel me goed, kom langzaam uit mijn schulp en ben weer bezig mensen te ontmoeten. Met mij gaat het dus lekker. Maar hoe gaat het aflopen met die transen die net aan hun traject beginnen? Waar moeten ze heen als de hulpverlening van Humanitas inderdaad helemaal weg valt? In welk diep zwart gat gaan zij vallen en wie gaat hen daar weer uit halen? Bij het RIAGG hoeven ze niet aan te komen, want als ze ook maar een beetje hetzelfde reageren als ze bij mij hebben gedaan, dan smijten ze hen met dubbele snelheid die afgrond in.

Ik maak me zorgen....

Marius

Ga naar...

[Volgende column] [Vorige column]