"Míjn relativiteitstheorie" door Marius

Titel:  Míjn relativiteitstheorie
Auteur:  Marius
Datum:  30 jun 2008
Revisie:  -
Gelezen:  4355

Míjn relativiteitstheorie

Nog niet zo lang geleden was ik bij mijn psycholoog. Niet om psychisch doorgezaagd te worden deze keer, maar om haar te helpen met haar computer, die zo traag was als een levensechte slak met Pfeiffer. Tijdens mijn geknutsel aan haar elektronische kalender, kladblok en postvak raakten we aan de praat. In casu: zij sprak en ik deed of ik luisterde, want als ik met mijn neus tussen de chipkaarten en kabeltjes zit, heb ik meestal mijn aandacht dáárbij en niet bij de rest van mijn omgeving. Toch ving ik deze keer op wat ze zei. Op een gegeven moment had ze het over een andere transman uit de Humanitas gespreksgroep (want zij is een van de psychologen waar wij transen bij Humanitas op terug kunnen vallen). Ze had het over Lennart en vooral over hoe positief hij wel niet is. Dat hij zo sterk is en een voorbeeld is voor anderen. Dat hij, door zich een doel te stellen en het te bereiken door pure positieve wilskracht, zo'n steun is voor andere transmannen.

Wijselijk hield ik mijn mond want ik ken Lennart persoonlijk; hij woont vlak bij me in de buurt. Alles wat ik in míjn transprocedure tegen heb, heeft hij mee. Hij heeft een vriendin, ik niet. Hij heeft al sinds het prille begin van zijn hormoonkuur een baard en een snor, ik niet. Zijn borstoperatie kon met een simpele ingreep gebeuren, waardoor je er nu weinig meer van ziet. Ik heb twee brede lelijke littekens op mijn borst (en ondanks dat heeft hij er nota bene moeite mee om met een blote borst door zijn eigen huis te lopen, terwijl ik op het strand gewoon met een ontbloot bovenlijf rondloop). Hij heeft een baan waar hij weinig tegenstand ondervindt, ik ben bij mijn laatste werkgever weggepest, omdat ik transseksueel ben. Onder die omstandigheden is het niet zo moeilijk om positief te blijven.

Begrijp me niet verkeerd... ik mag Lennert graag en ik ga graag bij hem en zijn vriendin (een geweldige meid waar hij sinds kort mee samenwoont) op bezoek. Maar mensen, wees eens reëel. Probeer de dingen een beetje in perspectief te zien. Op het moment dat ik dit schrijf is het 24 mei en zit ik dik twee jaar aan de testosteron, enkele maanden langer zelfs nog dan Lennart. Sommige mensen waren het al na een paar maanden zat om aan te horen dat ik nog steeds geen snor en baard heb. En nu, twee jaar verder, wordt mijn gezicht nog steeds pijnlijk gekenmerkt door een kale kin. De afgelopen week alleen al werd ik vijf keer aangesproken met mevrouw. En dat, terwijl mijn directe omgeving maar blijft volhouden dat ik toch zo'n "lekker stuk" ben. Right!

Ik weet dat het moeilijk is om je in mijn situatie te verplaatsen. Het is voor mij ook heel moeilijk om duidelijk te maken hoe het is om in een verkeerd lichaam opgesloten te zitten. Maar probeer je dan eens voor te stellen hoe het is om niet alleen in een verkeerd lichaam te zitten, maar ook nog eens alles wat maar mogelijk is tegen te hebben. Alles wat een bioman echt mannelijk maakt, ontbreekt bij mij. Maar ondertussen moet ik wel toezien hoe andere transmannen in mijn omgeving die dingen wel mee hebben. Ik ben nu vier jaar onderweg in mijn proces. Kun je je dan voorstellen hoe het is om nog steeds als vrouw aangesproken te worden? Dat is gewoon een klap in mijn gezicht. En daar bovenop moet ik dan ook nog eens aanhoren dat andere transmannen die tegelijk met mij zijn begonnen en parallel lopen in het hele proces wat betreft operaties, zo fijn positief in het leven staan. Ja sorry, hoor, maar dan zakt mijn broek even af.

Ik ben sinds januari keihard aan het werk in de sportschool. Ik ben drie broeksmaten gekrompen, twee overhemdmaten gegroeid, vijf kilo afgevallen en heb er 11% lichaamsvet afgetraind. Ik ben beretrots op mijn schouderpartij en de "bierbuik" die ik al heel lang had (ik drink geen bier, nooit gedaan ook), begint langzaamaan weg te smelten. Ouderwets gezegd: door bloed, zweet en tranen probeer ik mijn lichaam te veranderen. Op mijn kop na ben ik best tevreden over mijn mannelijkheid. En toch... toch word ik dus in een week nog vijf keer benaderd als mevrouw, waaronder zelfs twee keer aan de telefoon. Dan is het toch niet zo gek dat ik behoorlijk gefrustreerd ben?

En dan ga ik dus naar de maandelijkse gespreksgroep, waar je lotgenoten tegenkomt. Mensen die bij uitstek moeten weten wat je doormaakt. De plaats waar ik zou kunnen ventileren wat me allemaal dwars zit, zou je zeggen. Maar dan krijg ik daar te horen dat het "belachelijk" is dat ik me zo voel. Dat ik me niet zo druk moet maken om mij kale gezicht. Dat zit allemaal tussen mijn oren, want ik zie er ook zonder snor mannelijk genoeg uit.

Belachelijk? Hee, en bedankt, hè. Ha! Vertel dat maar eens tegen die vijf mensen die mij mevrouw noemden.

Makkelijk praten voor Patrick, die permanent een stijve heeft vanwege een uitzonderlijke gelegenheidsimplantaat in zijn geconstrueerde penis, waardoor hij er vrolijk op los kan neuken. Iets, wat we trouwens wel drie keer per avond moeten aanhoren (ook heel fijn, wrijf het er maar in). Uiteraard dat Patrick ook zo fijn positief in het leven staat.

Zoals gezegd: het is niet moeilijk altijd positief te zijn, als je alles mee hebt. Laten zij eens een weekje in mijn schoenen staan, kijken of ze dan nog zo positief zijn.

Marius

Ga naar...

[Volgende column] [Vorige column]